Schrijfsels
Super
Die rok kan echt niet, zeg ik. De vrouw in de bloemetjesjurk hoort me niet, en dat is maar goed ook. Ik moet toch eens leren niet altijd hardop te denken, denk ik hardop.
De afgelopen vijftien minuten ben ik bezig geweest met het zoeken naar de perfecte paprika. Zo neem ik een verse uit de stapel, leg die op de weegschaal, draai het bonnetje uit, en breng de paprika weer netjes terug naar de bak. Ik heb wel eens overwogen om een hele stapel paprika's tegelijk te nemen, maar wat zouden de mensen zeggen? Ze zouden zeggen dat ik gek ben, opper ik hardop.
Uiteindelijk vind ik toch een paprika met een exact afgeronde prijs. De sticker met één euro dertig plak ik fier op het stuk groente en ik vervolg mijn weg. Uit mijn jas frommel ik een briefje: "Boter", staat er onder "Paprika". Zoekend loop ik langs de zuivelproducten in het koelvak.
Eenmaal.
Tweemaal.
Driemaal.
Paniek. Einde van de wereld.
De Blue Band Goede Start is op. Mijn keel knijpt dicht en ik begin te zweten. Happend naar lucht graai ik als een bezetene door de kuipjes boter, er moet er nog ééntje zijn!
Dat laatste roep ik hardop en trek daarmee de aandacht van de bloemetjesjurk. Ze komt op me af.
"Is er iets, jongen?" vraagt ze en ik verstar. Ik fixeer mijn ogen op een pakje Bona Botergoud terwijl de vrouw bezorgd blijft doorvragen.
Dat laatste hoort ze. Even kijkt ze me verdwaasd aan en dan maakt ze rechtsomkeert. Ze mompelt nog wat maar ik hoor haar al niet meer.
Mijn ademhaling kalmeert en ik probeer mezelf te ontspannen. Dan maar een ander merk, zeg ik tegen niemand in het bijzonder, en ik neem van ieder merk boter één kuipje. Twee als er ook een "light" uitvoering is.